30.000 mensen met dementie ondervoed

Ondervoeding bedreigt de gezondheid van mensen met dementie. Dat blijkt uit een vandaag verschenen rapport van ‘Alzheimer’s Disease International’ (ADI), de internationale koepelorganisatie waar ook Alzheimer Nederland lid van is. In Nederland zijn tienduizenden mensen met dementie ondervoed. In tegenstelling tot wat veel wordt gedacht, komt ondervoeding ook al vroeg in de ziekte voor. Mensen met dementie die ondervoed zijn hebben meer gezondheidsproblemen en een sneller ziekteverloop, met als gevolg vaker ziekenhuisbehandeling en eerder opname in een verpleeghuis.

Voldoende eten en drinken is belangrijk, zeker voor mensen met dementie. Uitdroging en ondervoeding kunnen leiden tot een snelle verslechtering van de gezondheid. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat ondervoede mensen met dementie vaker ziek zijn, sneller verzwakt raken en eerder worden opgenomen in een verpleeghuis.  Alzheimer Nederland geeft daarom op deze pagina tips over het herkennen en voorkomen van uitdroging en ondervoeding.

Wat is ondervoeding? Men spreekt van ondervoeding bij een BMI van minder dan 18,5.

(Via voedingscentrum.nl kunt u de BMI berekenen), of een niet geplande afname van het gewicht van meer dan 4 kg in een half jaar. Het regelmatig meten van iemands gewicht is dus belangrijk om (een dreigende) ondervoeding snel op te merken.

Wat zijn oorzaken van ondervoeding?

Veel problemen kunnen leiden tot ondervoeding. Hier vindt u een opsomming van problemen en mogelijke oplossingen. Daarbij is het belangrijk om de oplossingen aan te passen aan de persoon. Want iedereen heeft zijn eigen gewoonten en heeft dingen die lekker of juist vies gevonden worden. Bovendien is dementie een grillige ziekte die het noodzakelijk maakt om voor iedereen oplossingen op maat te zoeken.

 

Verminderde eetlust door: Tips om eetlust te verbeteren
  • Vermoeidheid. Het voltooien van een volledige maaltijd kan te vermoeiend zijn.
  • Snacken is bij vermoeidheid vaak beter dan vaste maaltijden op gezette tijden. Zorg dat er allerlei gezonde snacks en borrelhapjes voor het grijpen staan. Denk aan kaas, worst, gepelde noten, Sultanakoekjes, worteltjes, druiven enz.
  • Weinig bewegen.
  • Meer bewegen kan de eetlust opwekken.
  • Constipatie; verstopping/moeizame stoelgang, die kan leiden tot een opgeblazen gevoel of misselijkheid. Ook bepaalde medicijnen kunnen zorgen voor maag- darmklachten.
  • Vezelrijk eten, voldoende bewegen en voldoende drinken kan constipatie verminderen.
  • Raadpleeg een arts wanneer constipatie langere tijd voorkomt. Hij kan medicatie voorschrijven tegen de klachten of misschien medicatie met bijwerkingen vervangen.
  • Verandering van smaak. Doordat de dementie de hersenen beschadigt, kunnen voorkeuren veranderen.
  • Probeer eens sterkere smaken of extra zoet eten.
  • Fruit kan een alternatief zijn voor (veel) zoet eten.
  • Voeg suiker of honing aan voedsel toe. Dit kunt u ook proberen bij voedsel dat normaal niet gezoet wordt.
  • Serveer zoete sausen bij maaltijden.
  • Probeer af te wisselen met eten. Ook voedsel dat nooit eerder werd gegeten kan in de smaak vallen.
  • Niet lekker vinden van een maaltijd.
  • Gebruik eten dat veel smaak heeft, kleurrijk is en veel geur heeft. Het prikkelen van de zintuigen kan de eetlust versterken.
  • Geef eten waarvan u weet dat iemand het lekker vindt.
  • Probeer verschillende soorten eten. Denk bijvoorbeeld aan milkshakes of smoothies van gepureerde fruit en of groentesoorten.
  • Onthoud mensen geen toetje als de hoofdmaaltijd niet of nauwelijks werd aangeraakt. Misschien heeft iemand wel zin in zoet.
  • Koud eten verliest veel aantrekkingskracht. Geef een maaltijd in delen of verwarm eten opnieuw in de magnetron.
  • Omgeving die afleidend is of juist stress veroorzaakt.
  • Laat iemand eten waar hij/zij zich comfortabel voelt. Als bijvoorbeeld schaamte over verminderde vaardigheden een rol speelt, ga dan eens eten zonder anderen erbij.
  • Probeer ook enige afleiding aan tafel, zoals achtergrondmuziek, een gesprekje of met meerdere mensen gaan eten.
  • Vermijd stressvolle situaties. Als eten niet lukt zoek dan naar creatieve oplossingen.
  • Maak u niet druk over eventueel morsen van eten. Voldoende eten is belangrijker dan netjes eten.
  • Niet opgewekte eetlust
  • Meehelpen met het bereiden van eten, kan de eetlust opwekken. Denk bijvoorbeeld aan meehelpen met de boodschappen, schillen van aardappelen of het smeren van brood.

Cognitieve problemen, zoals: Tips om cognitieve problemen te ondervangen
  • Niet meer herkennen van eten en drinken.
  • Bereid maaltijden die bekend zijn, iemand kan exotisch eten misschien niet als voedsel herkennen.
  • Moeite met het gebruik van bestek.
  • Geef eten via ‘hapjes’ die zonder bestek te eten zijn. Bijvoorbeeld een klein pasteitje, broodjes, fruitpartjes, groenten, worstjes, kaas en quiches.
  • Als eten met mes en vork moeilijk gaat, snij het eten dan zodat het met een lepel gegeten kan worden.
  • Concentratieproblemen (voltooien van een maaltijd)
  • Geef het eten in kleine porties, zodat een maaltijd beter vol te houden is.
  • Herinner iemand eraan om de mond open te doen, wanneer dit nodig is.

 Fysieke problemen Tips om met fysieke problemen om te gaan 
  • Moeite met vasthouden van bestek, glas of beker.
  • Als eten met mes en vork moeilijk gaat, snij het eten dan zodat het met een lepel gegeten kan worden.
  • Help iemand met het begeleiden van bestek naar de mond, wanneer dat moeilijk gaat.
  • Probeer gerechten waar geen bestek voor nodig is, zoals een klein pasteitje, broodjes, fruitpartjes, groenten, worstjes, kaas en quiches.
  • Bespreek met een ergotherapeut de mogelijkheden van aangepast bestek en anti-lek bekers.
  • Problemen met slikken.
  • Vermijd ‘droog’ voedsel zoals biscuitjes of popcorn.
  • Zorg dat iemand wakker en alert is, wanneer hij gaat eten of drinken.
  • Zorg dat iemand goed zit of goed in bed ligt om te kunnen eten. Eventueel kunt u via uw arts een consult van een fysiotherapeut vragen.
  • Vraag de arts of een logopedist kan helpen bij de bestrijding van slikproblemen.
  • Problemen met kauwen of vergeten te kauwen.
  • Als iemand moeite heeft met kauwen probeer dan zachtere etenswaren als ei of gepofte appel voordat u over gaat op gepureerd voedsel.
  • Als u voedsel gaat pureren. Zoek dan advies van een diëtist over het behoud van voedingswaarde en smaak.
  • Maak maaltijden niet te lang, maar verdeel meerdere korte maaltijden over de dag.
  • Pijn aan tanden, tandvlees, of door een slecht zittend kunstgebit.
  • Verzorg het gebit goed en laat het gebit of het kunstgebit regelmatig controleren.

Problemen met zintuigen Omgaan met problemen met zintuigen
  • Gevoel voor warmte kan verloren gaan.
  • Zorg dat eten niet te warm is, zodat iemand zich niet verbrandt.
  • Gezichtsvermogen
  • Zorg voor kleurrijk eten en een goed verlichte ruimte.
  • Vermijd borden met drukke patronen.
  • Zorg voor een goed contrast tussen bord en het voedsel, zodat het voedsel extra opvalt.
  • Gehoorproblemen
  • Probeer altijd oogcontact te houden wanneer u iets uitlegt over het eten. Praat met uw handen, gezicht en ogen. Let ook op de toon van uw stem. U krijgt vaak een beter contact als u zijn hand vasthoudt.
  • Als hij niet meer kan praten en u niet meer begrijpt, kunt u met lichaamstaal contact houden.

Gedragsproblemen Omgaan met gedragsproblemen
  • Tijdens een maaltijd kan iemand boos worden, eten uitspugen of voedsel weigeren.
  • Probeer te achterhalen wat de oorzaak is van het gedragsprobleem. Vindt iemand het eten niet lekker, voelt hij zich opgejaagd, schaamt hij zich dat hulp nodig is of vindt hij de omgeving niet prettig. Het kan een hele uitdaging zijn om hierachter te komen zeker als iemand moeite heeft om woorden te vinden.
  • Wanneer communicatie lastig is, probeer dan door lichaamstaal of oogcontact de oorzaak van de onrust te achterhalen.
  • Laat iemand zoveel mogelijk zelf eten, ook al duurt dat vaak langer.
  • Dwing iemand niet om te eten, maar wacht tot iemand is gekalmeerd.
  • Bedenk dat dit gedrag geen opzettelijk gedrag is of een persoonlijke aanval.

 

Wat zijn oorzaken van uitdroging? Bij ouderen kan de dorstprikkel verdwijnen of verminderen, waardoor ze niet meer merken dat ze dorst hebben. Het is aanbevolen dat iemand minimaal 1,7 liter per dag drinkt. Uitdroging wordt overigens niet alleen veroorzaakt door te weinig drinken, ook braken en diarree en perioden met warm weer kunnen snel tot uitdroging leiden. In die gevallen is inname van extra vocht belangrijk.

Uitdroging kan snel tot levensgevaarlijke situaties leiden. Wanneer u merkt dat iemand een dag sterk verminderd drinkt of tekorten door ziekte of warm weer niet aanvult, raadpleeg dan uw (huis)arts.

Tips om uitdroging te voorkomen

  • Serveer altijd drinken wanneer iemand eet.
  • Gebruik een helder glas zodat iemand kan zien wat hij drinkt, of gebruik een felgekleurde beker om de aandacht te trekken.
  • Geef, wanneer mogelijk, iemand het glas meteen in de hand.
  • Zet drinken binnen het blikveld
  • Iemand een glas drinken geven betekent niet dat het wordt opgedronken.
  • Een leeg glas betekent niet altijd dat iemand heeft gedronken. Het kan door iemand anders zijn opgedronken, weggegooid of gemorst zijn.
  • Wanneer het gezichtsvermogen beperkt is, vertel dan waar het drinken staat en wat het is.
  • Bied gedurende de dag verschillende soorten dranken (warm en koud) aan.
  • Voedsel dat veel vloeistof bevat kan helpen om in de dagelijkse behoefte te voorzien. Bijvoorbeeld fruit, pap, yoghurt, vla of ijs.

Dit artikel werd geschreven naar aanleiding van het rapport ‘Voeding en dementie’ van de internationale koepelorganisatie ‘Alzheimer’s Disease International’ (ADI).